Archeologie op VINDplaats Zenit
Hier, waar nu Almere ligt, hebben in de prehistorie mensen gewoond. Wanneer was dat en wat weten we over die tijd? En hoe leefden deze mensen? Archeologen weten hier best veel over te vertellen.
In de bodem van onze Vindplaats Zenit, ongeveer 4 meter diep liggen resten prehistorisch materiaal van ongeveer 10.000 jaar oud. Bij booronderzoek zijn stukjes verbrande hazelnootdoppen en afval van vuursteenbewerking gevonden. Dat wijst erop dat hier vroeger regelmatig mensen gebivakkeerd hebben. Zij hielden zich in leven met jagen, vissen en het verzamelen van eetbare planten, bessen en noten.
Op deze plaats hebben nomaden langere tijd hun kampementen opgeslagen. Het tijdvak waarin dit gebeurde wordt de middensteentijd genoemd, mensen leefden toen als jager-verzamelaars.
Op een zandrug op de oostoever van een rivier die we nu als de Eem kennen, bouwden de mensen toen tijdelijke kampen. Ze deden dat ieder jaar, bijvoorbeeld om extra vissen te vangen en ander eten te vinden. Dat gebeurde zo honderden jaren achter elkaar.
Met het stijgen van de zeespiegel in de loop van honderden jaren werd het gebied echter meer en meer onbewoonbaar. Wat nu op Zenit de Kleine Vindplaats heet werd als laatste als woon- en leefgebied gebruikt, tot ongeveer 8500 jaar geleden.
Waar nu de Noordzee ligt was tijdens de laatste ijstijd een droog, koud en kaal gebied. Het einde van die ijstijd lag ongeveer 15.000 jaar geleden. Eerst was het gebied nog koud en onherbergzaam, maar later werd het er warmer, vergelijkbaar met ons huidige klimaat. Dit tijdvak wordt het Boreaal genoemd. Het zeewater dat tijdens de ijstijd in de vorm van ijs was opgeslagen, ontdooide. Daardoor liep de Noordzee langzaam vol water. Dat was nog niet het geval in ons gebied. Dat bleef nog een tijdlang droog en er lagen dichte bossen van berken, hulst en ook hazelaars. De rivier zal veel vis bevat hebben, hier leefde ook wild en waren er noten, bessen en andere plantaardige voedingsmiddelen te vinden die mensen nodig hebben om te leven.
Aan het einde van dit tijdperk werd het gebied zo nat dat de rivier vaker zijn water niet kwijt kon. De temperaturen stegen tot boven wat we nu gewend zijn. Langzamerhand werd het land onbewoonbaar, het kwam onder water te staan. Er vormden zich meren, waarin laagveen ontstond. Nog veel later kwam de Noordzee opzetten, toen werd over het veen zeeklei afgezet. Op deze zeeklei wonen we nu, in Almere.
Archeologisch onderzoek
Het bijzondere van polders is dat er eeuwenlang geen bewoning mogelijk is geweest. De Flevopolder is weliswaar nog niet heel oud maar eerder beschermde de aanwezigheid van de zee de prehistorische resten. Daardoor zijn deze resten ongestoord gebleven, anders dan op andere plaatsen in Nederland. Er werd immers niet gebouwd en niet in de grond gegraven. Daarom koos de gemeente Almere ervoor, deze resten veilig onder de grond te bewaren, om ze later verder te onderzoeken. Alleen als er in een gebied gebouwd móet worden, doet men opgravingen. Daarvoor moet wel vele meters zeeklei en andere grond afgegraven worden. Op de Stichtsekant was dit zo. Bij de Stichtsebrug is daadwerkelijk de bovenlaag van de bodem afgegraven.
Leven in de middensteentijd
In de middensteentijd leefden mensen als jager-verzamelaars. Ze waren afhankelijk van wat ze aan eten konden vinden en welke dieren ze konden vangen. Men gebruikte werktuigen van hout, vuursteen en hertengeweien. Aardewerk werd toen nog niet gemaakt. Resten houtskool in de boringen wijzen op het maken van kampvuren. Vuur was belangrijk als bron voor warmte en licht en voor de bereiding van voedsel. De gevonden vissenbotjes en vissenschubjes geven aan dat er onder andere vis gevangen en gegeten is. Of ook gebruiksvoorwerpen van plantenvezels gemaakt zijn is niet meer te achterhalen. Dit materiaal is inmiddels vergaan.
Het begin van de nieuwe steentijd wordt gemarkeerd als mensen zich op vaste plaatsen gaan vestigen. Naast het jagen, vissen en verzamelen van eten uit de natuur beginnen mensen dieren te domesticeren (te temmen en in huis te houden) en grassen te cultiveren tot granen. Er treedt meer specialisatie op. Groepen mensen die zich alleen met het vissen bezig hielden, of het ruilen van producten. Toen kwam de vaardigheid om aardewerk te maken om voorraden te kunnen op slaan. Dat gebeurde in de tijd dat de plaats van VINDplaats Zenit al niet meer bewoonbaar was: het was er te nat en stond onder water.
Meer weten?
Lees meer: https://nl.wikipedia.org/wiki/VINDplaats_Zenit en Erfgoedhuis Almere, ingerichte vindplaatsen.
Foto afkomstig van https://www.archeon.nl/nl/prehistorie.html, beleef de prehistorie in het Archeon. Een bezoek aan het museum is de moeite waard om het leven in de prehistorie zelf te beleven. Meer info
Beleid van de gemeente Almere: Toolbox
Over de beelden van Frans van der Ven: Flevoland Erfgoed Markers tijdpad
Stukje voorgeschiedenis van VINDplaats Zenit: Een van de oudste archeologische vindplaatsen van Almere open voor publiek | Archeologie Online
